Wat valt onder toetsinkomen?
Het toetsinkomen bestaat meestal uit:
- Bruto loon (inclusief vakantiegeld)
- Zelfstandig ondernemersinkomen (gemiddelde van 3 jaar, met laatste jaar als ondergrens)
- Pensioeninkomen
- Alimentatie (soms)
- Inkomens uit loondienst, met flexcontract of tijdelijk dienstverband (mits voldoende stabiel)
- Partnerinkomen (meestal gedeeltelijk meegeteld)
Voor zelfstandigen of mensen met variabel inkomen gelden aanvullende voorwaarden en berekeningen.
Waarom is het belangrijk?
Het toetsinkomen bepaalt in combinatie met de actuele hypotheekrente hoeveel je verantwoord kunt lenen. De geldverstrekker mag namelijk niet méér hypotheek verstrekken dan wat volgens de normen verantwoord is op basis van jouw toetsinkomen. Dit voorkomt dat huishoudens financieel in de knel komen.
Toetsinkomen versus werkelijke inkomen
Soms ligt het toetsinkomen lager dan je werkelijke bruto inkomen. Bijvoorbeeld als je een tijdelijk contract hebt, bonus ontvangt, of ZZP’er bent met sterk wisselende inkomsten. In zulke gevallen kan het zijn dat je minder kunt lenen dan je op basis van je maandinkomen zou verwachten.